Het is zo stil in huis. Al een paar uur. Het laatste geluid was het dichtslaan van de deur. Toen Eva vertrok. Daarna werd het stil. Zelfs het snikken hield op en nu zit ik hier dan. Ik weet niet wat ik moet doen. Moet ik gaan kijken, moet ik wachten, moet ik iemand waarschuwen? Louïse lijkt ook wel verdwenen, maar dat kan niet. Ze zou me nooit alleen laten. Niet voor lang dan. Soms voor een boodschap, maar nooit heel erg lang en nooit zonder iets te zeggen.En dan Eva. Die loopt nu ergens op straat. Alleen. Ik denk dat ze bang is. Het lijkt wel of ze heel stoer is, maar dat is ze niet echt. In het echt is ze heel onzeker… Ze kan wel heel hard schreeuwen. Harder dan Louïse. Veel harder. Maar nu is het stil, net als vorige week, alleen duurde het toen korter. Louïse trekt zich altijd terug na ruzie, maar de ruzies met Eva lijken elke keer wel heftiger te worden. Ze maakt mij zelfs bang. Praten doen we al lang niet meer.
Wat er is veranderd weet ik nog steeds niet. Opeens deed ze heel afstandelijk. Onzeker dus. En toen begonnen de ruzie’s. Over niets natuurlijk. Zoals altijd. Soms is het fijn om spastisch te zijn. Ik hoef in elk geval geen spijt te hebben van alle dingen die ik denk en zou kunnen uitspreken wanneer ik boos ben, als ik niet spastisch zou zijn. Niet kunnen spreken, is af en toe een zegen, hoewel het meestal als een vloek voelt. Alsof God mijn mond heeft dichtgenaaid...
‘Kutwijf’, is Eva’s favoriete scheldwoord. Voor Louïse dan wel te verstaan. Arme Louïse, ze bedoelt het allemaal zo goed. En Eva, Eva kan het eigenlijk niet helpen. Daarom stuurt Louïse haar waarschijnlijk niet weg. Nog niet tenminste.
Nog even, dan wordt het weer licht. Zou er al iemand wakker zijn en mijn woorden lezen?
Mijn naam is Jonah Kerns, welkom in mijn wereld…
